Ontwikkeling van methoden voor de interactieve inzet van sociale media rond kunstactiviteiten.
Tools voor cultuurprofessionals.
Hoe kun je het gesprek over en rond kunstactiviteiten tot stand brengen en mogelijk verdiepen? Het onderzoeksproject Ruimte voor dialoog probeert antwoord te geven op die vraag, door het ontwikkelen van sociale media strategieën hiervoor. Zo wilden we de dialoog over of rond datgene dat de betrokken kunstenaars en kunstorganisaties aan de orde wilden stellen een plek geven in een digitale omgeving.

Vijf kunstorganisaties werkten mee door verschillende cases aan te wijzen waarmee we als professionals en onderzoekers aan de slag zijn gegaan. Allereerst zijn sociale media strategieën ontwikkeld voor de voorstelling De wierheid fan Wylgeragea en – in twee fasen - het talentontwikkelingsproject Fulkaans van Keunstwurk. Daarop is gewerkt aan strategieën voor een community rond de tentoonstelling Escher op reis van het Fries Museum, de voorstelling Elkenien is in prutser van Tryater en Natuurlijk klassiek van Stadsschouwburg De Harmonie. Fulkaan kreeg nog een vervolg in NEO (Never Ending Orchestra).

Er valt veel te zeggen over het ontwikkelingsproces dat we met elkaar hebben doorlopen. Op deze website vind je een verzameling van inzichten vanuit verschillende perspectieven, vanuit de onderzoekers, de professionals, docenten en studenten. De aard van de bijdragen is dan ook heel verschillend. Dat nodigt, zo hopen wij, uit tot dialoog. Daarom is er ook een forum op deze website te vinden waarin we, eigen aan de doelstellingen van Ruimte voor dialoog, gezamenlijk verder kunnen bouwen aan kennis over het stimuleren van betekenisvolle interactie op sociale media die bijdragen aan het versterken van het maatschappelijk belang van de kunsten.

Graag tot ziens, ook namens de betrokken professionals,


Antine Zijlstra
(NHL Stenden Hogeschool)


Navigatie

Deze website heeft als doel de bevindingen van het onderzoeksproject ‘Ruimte voor Dialoog’ voor een breder publiek toegankelijk te maken en om tools aan te reiken aan cultuur- en marketingprofessionals uit het werkveld. Om door deze website te navigeren kan een keuze gemaakt worden uit het type inhoud (content: onderzoek → blauw, reflectie → roze, en tools → wit), de organisatie (de cases) waar het over gaat, en de thema’s die uit het onderzoek naar voren kwamen. Deze kunnen als verschillende filters in combinatie met elkaar worden toegepast om alleen die berichten te tonen waar op dat moment interesse voor is. Klik op het minnetje achter het filter of op het filtericoon zelf om het filter te wissen.

Deze website is net beschikbaar. Dat betekent dat er mogelijk nog onvolkomenheden zijn. Laat het ons weten via: info@ruimtevoordialoog.nl

Wanneer de inhoud van de berichten vragen oproept, zien we je reactie graag op het forum. We zetten de dialoog daarover namelijk graag in gang!



Een netwerkvisualisatie van social media – Hoe doe je dat?

Floris de Jonge

Je hebt een leuke avond. Je hebt net lekker gegeten in een restaurant en je tafelpartner betaalt nu de rekening. Straks gaan jullie samen naar een voorstelling waar jullie je erg op hebben verheugd. Je haalt je telefoon tevoorschijn en opent Facebook om een bericht te plaatsen. Je ziet dat je nu 16 likes hebt op die foto van jezelf met dat kunstwerk. Na afloop van het concert drinken jullie nog ergens een drankje en je plaatst opnieuw een bericht waarin je schrijft dat het fantastisch was en dat jullie geweldig hebben genoten. Dat is leuk voor je Facebookvrienden om te weten, maar ook voor de culturele instellingen die de kunstactiviteiten die je hebt bezocht hebben georganiseerd.

Alles wat je via sociale media doet laat sporen na 1. De berichten die je op sociale media plaatst zijn voor iedereen zichtbaar, ze zijn makkelijk op te zoeken, worden bewaard, en kunnen worden gekopieerd, gedeeld en doorgestuurd (Boyd, 2011). Alle berichten die openbaar worden gedeeld, zijn opgeslagen in publiekelijk toegankelijke databases die doorzocht kunnen worden. Deze databases worden gebruikt door marketingbureaus zoals Coosto, om door middel van Twitter- en Facebookberichten sociale media voortdurend te monitoren. Ook culturele instellingen kunnen hiervan gebruik maken.

Om inzicht te krijgen in het socialemediaverkeer rondom kunstactiviteiten van de culturele instellingen die als cases binnen het onderzoek Ruimte voor dialoog dienden zijn data ‘gescraped’ van Twitter en Facebook met behulp van Coosto en NodeXL 2. Coosto en NodeXL zijn programma’s waarmee berichten die zijn geplaatst op de socialemediaplatformen Facebook en Twitter3 kunnen worden verzameld voor verdere analyse. Alleen berichten die publiek zijn kunnen worden binnengehaald. Berichten die bijvoorbeeld in een besloten Facebookgroep worden geplaatst, zijn geen onderdeel van dit onderzoek.

De data bestaan in het geval van een Facebookpagina of -groep uit gegevens over wie het bericht heeft geplaatst, wie daarop heeft gereageerd, op welke wijze (een like of een comment), wat de inhoud van de post was, wanneer die is geplaatst, waar de comment uit bestaat, etc. Het belangrijkste dat wordt geregistreerd is de relatie of verbinding tussen twee verschillende sociale media-accounts van mensen of organisaties. Op Twitter bestaat een relatie uit een Retweet of @Mention4. Op Facebook wordt een relatie gelegd doordat twee mensen reageren op dezelfde post (bericht) of dezelfde post ‘leuk’ vinden. Een verbinding tussen twee accounts ontstaat verder wanneer een gebruiker reageert op een bericht of reactie van een ander en wanneer twee gebruikers reageren op hetzelfde bericht. Deze relaties tezamen leveren samen een lijst van verbindingen en knooppunten op.

Deze lijst kan worden gevisualiseerd als een netwerk of ‘sociogram’: een grafische representatie van de verbindingen tussen de deelnemers (de knooppunten) in een netwerk (De Laat, 2006). Deze lijst met verbindingen wordt voorzien van een ‘source’ en een ‘target’ (persoon A reageert op persoon B) en kan vervolgens worden geïmporteerd (als utf-8 csv-bestand) in Gephi, een netwerkvisualisatietool. In Gephi kan worden gekozen voor verschillende lay-outs om de netwerken te visualiseren. De keuze daarvoor wordt bepaald door wat moet worden benadrukt in de visualisatie en de omvang van het netwerk. Voor de netwerkvisualisaties van de kunstactiviteiten is gebruik gemaakt van ‘Force Atlas’, en van ‘Force Atlas 2’, wanneer het grote netwerken betro

Verder kunnen verschillende statistieken worden berekend over de data. Zoals: welke groepen er kunnen worden onderscheiden? (door middel van het ‘modularity’-algoritme), maar ook het aantal inkomende en uitgaande verbindingen van een knooppunt (door middel van ‘degree’). Deze informatie is vervolgens gebruikt als variabele om respectievelijk de kleur en het formaat van de knooppunten (‘nodes’) te bepalen. De visualisatie van het socialemediaverkeer van de kunstactiviteit of culturele instelling kan vervolgens worden geanalyseerd.

 

Literatuurverwijzingen

  • Boyd, Danah. “Social Network Sites as Networked Publics” (2011). in A Networked Self, New York: Routledge.
  • Brass, D.J. (1995). “A social network perspective on human resources management”. Research in Personnel and Human Resource Management, 13, 39-79
  • De Laat, M. (2006). Networked learning (Doctoral dissertation).
  • Haythornthwaite, C. (1996). Social network analysis: An approach and technique for the study of information exchange. Library and Infor­mation Science Research.
  • Van Dijk J., Van de Wijngaert L., Ten Tije S (2015). Overheidsparticipatie in sociale media. Universiteit Twente.
  1. Sociale media zijn toepassingen voor uitwisseling van informatie (tekst, video, foto, etc.) door internetgebruikers in (gedeeltelijk) publieke en private netwerken of gemeenschappen en bieden allerlei mogelijkheden om snel en efficiënt informatie uit te wisselen, foto’s en videobeelden te delen, en updates te geven van activiteiten (Van Dijk J. et al. 2015).
  2. De zoekopdrachten voor Coosto bestaat uit verschillende onderdelen verbonden door zoekoperatoren zoals AND en OR om betekenisvolle combinaties van deze onderdelen te creëren. Voor de query zelf zijn ten eerste verwijzingen naar de voorstellingen of tentoonstellingen gebruikt, daarnaast worden bepaalde (deel)programma of hashtags meegenomen. Ook de accountnamen van de culturele instellingen zijn (in verschillende schrijfwijzen) in de zoekopdracht geïntegreerd.
  3. Behalve het socialemediaverkeer op Twitter en Facebook is het ook mogelijk om die van Instagram, YouTube, en Pinterest en blog- en nieuwswebsites te verzamelen.
  4. Een relatie op Twitter ontstaat ook wanneer men elkaar gaat ‘volgen’, zogenaamde ‘volgnetwerken’ zijn echter niet gebruikt in dit onderzoek. Hetzelfde geldt voor ‘vriendennetwerken’ van Facebook.